Krabbels van Krabber
 Deel 1 "Waarom heeft U eigenlijk duiven? "

In analogie aan de reclame over Miele zou je kunnen zeggen: mijn grootvader hield duiven, mijn vader had duiven, ik heb duiven en mijn zoon zal straks…… vragen of ik gek ben.  

Voor veel duivenliefhebbers zal dat eerste gedeelte zeker gelden; overgegaan van vader op zoon. Een enkeling is er toevallig ingerold en nog zeldzamer zijn de witte raven die met deze hobby ‘blanco’ beginnen tegen de tijd dat ze over wat meer vrije tijd beschikken.  

Maar waarom heeft U ze nog steeds? Waarom bent U nog niet gestopt met de hobby of heeft U ze nog niet afgeschaft zoals dat in goed Limburgs heet?

Het wordt je tenslotte niet makkelijk gemaakt. Als je een zolderhok hebt, zal dat vervelende-stof-en-die-eeuwige-veertjes-op-de-trap meer dan eens het discussiepunt van echtelijk debat geweest zijn.

Ben je dan eindelijk gezwicht voor een tuinhok, moet je je in datzelfde debat eerst verantwoorden omdat je “de hele tuin in beslag wilt nemen”. Je zult namelijk altijd zien dat je eigen (en uiterst bescheiden gehouden) calculatie aan ruimte voor de kwekers, weduwduivinnen etc. haaks staat op de architectonisch-verantwoorde-kleine landschapselementen-planning van moeder’s. 

En vervolgens komt dan nog de strijd met de gemeente. Als duivenmelker ben je inmiddels bijna een paria en val je op als de sumoworstelaar in de anorexiekliniek. Maar dat gevecht met de gemeente is nog maar een peulenschil; je hebt immers al heel wat ‘home-training’ achter de rug?

Om nog maar te zwijgen van de daarop volgende strijd met de omgeving(als je een beetje pech hebt).

Wie een verwoed duivenmelker als nieuwe buurman krijgt, is immers bij voorbaat (en vastgeroest vooroordeel) een beklagenswaardig personage, vooral als de tuinen niet al te diep zijn en de wind op de achtergevel staat?

De hokken, die volgens de laatste bevindingen -a jour- moeten zijn (slechts met een fijnmazig gaas afgezet), bundelen dag en nacht alles wat des duifs is naar de gesjochte. En dat moet je toch niet hebben?

Tot in lengte van dagen als buur verder van het zeurderige gekoer, het nerveuze gefladder, de duivenodeur en het duivenpietengekrakeel genieten. Dat is geen leven toch?  Dat hoef je als geciviliseerde en stadse mens toch zeker niet te snuiven eh…… te pikken.

Uitlaatgassen, vandalisme, agressie allemaal tot daar aan toe maar duiven…? 

Ik weet natuurlijk niet waarom U nog duiven heeft. Althans niet met zekerheid. Maar ik denk dat we op elkaar lijken. En wat dan voor mij geldt zou ook wel eens op U van toepassing kunnen zijn. Duivensport doet mij leven. Ik geniet van het nieuwe kroost. Ik geniet van hun zorgeloosheid. Hun eerste voorzichtige rondjes om het huis. Ik geniet van het jonge grut dat de weg naar huis toe leert vinden maar het belangrijkste is de hoop. Elk jaar hoop ik opnieuw dat ene superduifje te kweken. Elk jaar opnieuw hoop ik op die ene superuitslag. Door mijn duiven heb ik hoop en geloof ik in de toekomst. En die hoop, die positieve instelling zorgt er ook voor dat ik langer leef. Daar ben ik van overtuigd. Hoop doet leven, daarom……

Krabber.

Terug naar Krabber
Terug naar Duiven.net

Een site van ADVIDU, Utrecht