|
Het seizoen is alweer 6
weken onderweg. De schermutselingen op de vitessevluchten zijn hoegenaamd
afgesloten en ik heb het papier nog niet geraakt. De duiven komen elke week
terug met slechts een staartprijsje of zelfs vlak na de prijzen. De
dierenarts kon niks vinden!
En mijn opa zou in zo’n geval roepen, denk aan de drie G’s: “Geen
prijzen, Geen verliezen, Geen probleem.” Waarom ik hier de
stoffige aforismen uit de familiearchieven opduikel?
Op de eerste plaats omdat de goede man wars was van de medicijnpot. En die
ouderwetse opvatting begin langzaam aan weer modern te worden. De reeks van
artikelen over resistentie ten gevolge van teveel blind, maar vooral te kort
kuren, is inmiddels langer dan de omtrek van ons kikkerlandje. En het
pleidooi voor zo min mogelijk medicijn en zo veel mogelijk verhogen van
natuurlijke weerstand groeit als de baard van Ruud Lubbers.
Maar terug naar mijn opa.
Hij nam zelf niets in, zelfs geen aspro’tje en zijn duiven kregen evenmin
iets. “Wat zo niet gezond blijft, blijft niet”, was een andere
lijfspreuk van hem. Los van de fobie en aversie voor de veterinair hadden
‘de drie G’s’ namelijk alles te maken met zijn heilige overtuiging dat
er eerder sprake was van afwezigheid van aan forme, dan aanwezigheid
van ziekte. Als ze te laat thuiskomen en de helft blijft achter, dan
moet je je zorgen maken. Maar als ze allemaal thuiskomen maar ze zijn te
laat, dan ontbreekt meestal alleen de forme.
Maar opa leeft niet meer, de wereld is veranderd en ik was al nooit zo’n
mens van familiebanden. Langzaam bekruipt je toch het ongeduld (of is het
zelfs paniek?). Je wilt op zoek gaan naar de oorzaak, toch?
Het toeval wil dat het duivenhok ook hoog nodig toe is aan een
schilderbeurt. Een kennis (ook duivenfreak) wilde dat klusje wel even
klaren. Prompt en ik spreek niet voor niets van toeval, lees ik in een van
de duivenbladen dat verven-in-het-voorjaar gelijk staat met vloeken in de
kerk. Met andere woorden; verven in het voorjaar, zeker zijn dat je het
papier niet raakt?
Mijn schilderende kennis nam het op voor de kwaliteit van de gebruikte
beits. En bovendien is beits niet te vergelijken met verf. Ik zou maar eens
nadenken over die kippen die je achter de hokken hebt lopen. Kippen mankeren
altijd van alles. Coccidiose, Ornithose, Paratyphus, je noemt het maar. Nu
zijn, het toeval zit altijd tegen, die producenten van echte verse
scharreleieren de persoonlijke protegees van mijn echtgenote. Als ik zou
durven praten over hun mogelijke aanstaande vertrek wordt mijn
levensgezellin geheid tot persoonlijke vechtgenote.
Dus bleef ik nadenken en vooral ook praten over mijn slechte resultaten.
Een ander lid van onze club meende dat ik het meer moest zoeken bij de
ventilatie. En mechanische afzuiging was het sleutelwoord. In Houten had ik
op de laatste duivenbeurs toch zo’n visitekaartje gekregen?
De capaciteit werd berekend op 25 x zo groot als de totale inhoud van het
hok in kubieke meters. En het was ook wel leuk als je dat onafhankelijk kon
regelen. Op het jongenhok moest ik meer kunnen afzuigen dan bij de
weduwnaars. Maar dat kon allemaal feilloos geregeld worden. Koppeling aan de
relatieve luchtvochtigheid? Aan de temperatuur? Fluitje van een (euro)cent.
Dit super-de-luxe-afzuigsysteem was inderdaad veel beter als dat van de
concurrent. Dit systeem kon werkelijk alles. Het enige niet-kunnen zat in de
prijs. Mijn vrouw zou terecht geïnformeerd hebben of ik in het vervolg op
het duivenhok wilde gaan wonen?
Dus bleef ik nadenken en vooral ook praten over mijn slechte resultaten.
En toen kwam iemand met wateraders en aardstralen. Een verklaard voorstander
hoegenaamd. Hij was zelf spectaculair beter gaan spelen vanaf het moment dat
hij een koperdraad ingegraven had rondom het hok. Die draad werd gevoed door
een ‘op het noorden gericht’ kastje en alle kwade geesten (pardon,
aardstralen en wateraders) waren uitgebannen. Maar na een aantal jaren is
zo’n pot kennelijk uitgewerkt? Hij had in ieder geval een andere
aangeschaft die niet eens meer ingegraven hoefde te worden. In het
stopcontact en klaar.
Maar ik ben te nuchter voor dat soort dingen. En wederom, de prijs sprak me
evenmin aan. Ik hoop dat ik komend weekend weer voor mijn prachtig gebeitste
duivenhok mag staan.
En als U komt kijken ziet U mij beslist glimlachen. Of omdat de duiven deze
keer wel uitpakten, of om de tienduizend Euro die ik gespaard heb door aan
de raad van opa te denken.
Krabber.
|