Krabbels van Krabber
 Deel 22 "Of ik nog ooit eens een duplicaateigendomsbewijs 
zal aanvragen?
"

Mijn dochter kwam ermee aanzetten. “Zelf gevangen op het schoolplein, Pappa, klonk het heel triomfantelijk.” Dan weet je als ervaren duivenliefhebber al, zonder ook maar een blik in de doos geworpen te hebben, hoe het beestje eraan toe is. In dit geval was het -zo mogelijk- nog erger. Een blauwe doffer wiens kleur nauwelijks meer te herkennen was. Hij had zich kennelijk overal in- en onder gewaagd in zijn drang naar de vervulling van basale levensbehoeften. Je kunt aan zo’n beestje niet vragen waar het overal gezeten heeft maar ik ben er zeker van dat het een hele opsomming zou zijn geworden. Had ie wel kunnen praten dan was ik er waarschijnlijk ook niet wijzer van geworden. In dat geval was er namelijk geen woord meer uitgekomen want hij wekte meer de indruk om elk moment zijn laatste adem te gaan uitblazen dan uitgebreid te willen plaatsnemen op de praatstoel. Mijn god, wat zag íe er uit. Ik pakte hem in m’n handen en voelde alleen nog veren en slapte. Het borstbeen zat onder mijn middelvinger, mijn duim lag losjes op z’n rug. En nog had ik het gevoel dat ik er ‘volledig doorheen pakte’. Geen enkele tegenwerking, geen uitslaande vleugel op zoek naar z’n vrijheid. Niets. Resigneren. Apathie. Slapte.

“Wat moet je daar nou mee?” vroeg ik aan mijn dochter. ‘Dit’ herstelt nooit meer en als het zich toch herpakt dan is ’t nooit niks meer waard. 
“Dit”, hoorde ik haar verontwaardigd herhalen. “Dit”, is een duif en die ga IK verzorgen! 
Meewarig schudde ik het hoofd. Als vader begreep ik het maar al te goed. Zij had op het schoolplein een meer-dood-dan-levende-duif gezien en zich als ’n ware Moeder Theresa-in-den-dop in de strijd geworpen. Ze had het arme beestje in een doos gezet en eerste hulp verleend door het te laven onder de kraan. 
Vervolgens hadden alle meisjes in de klas natuurlijk voortdurend geïnformeerd of het arme schepsel nog ademde, nog leefde? En haar moederinstincten waren nog verder aangewakkerd toen een van de jongens dreigde haar de doos te willen afpakken. En nu kwam ze een vader tegen die een impliciet appèl op haar deed om het beestje uit zijn lijden te verlossen. 
Haar duif! Wat een wereld!

‘Kareltje’ ging in een lege broedbak met eten en drinken en ik was overtuigd dat de natuur z’n werk wel zou doen. Ik vroeg me af of hij ‘na school’ nog zou halen, laat staan morgenvroeg. Na een uurtje ging ik zelf nog eens poolshoogte nemen. ‘Kareltje’ lag nog steeds op z’n zij en had nog geen voer of water aangeraakt. Voorzichtig duwde ik hem met z’n snavel in het water. Wel bijna stikken maar drinken? Geen druppel. 
Ik vond toch dat ik hem een paar natte, geweekte korreltjes moest opsteken. En met een pipetje ook nog wat water erachteraan omdat de korreltjes een beetje zielig als een prop in z’n uitgedroogde slokdarm bleven steken. Mijn handen ‘verhaalden’ heel penetrant de zwerftocht van Kareltje. Toen we ‘na school’ nog eens samen gingen kijken leefde ‘Kareltje’ nog steeds. Sterker nog. Hij was bij de tralies gaan liggen. Met z’n kop tegen het waterbakje aan. Omdat mijn handen nog steeds een beetje roken naar zijn zwerftocht waarschuwde ik mijn dochter om hem niet vast te pakken. “Hij moet rust hebben en als jij hem telkens vastpakt dan vermoeit dat veel te veel.”

Alhoewel ‘Kareltje’ nog bij lange na niet in staat was om naar huis te vliegen was hij na 14 dagen niet meer te herkennen. Dus dan maar, via de onvolprezen site van de KBDB, even bellen naar de rechtmatige eigenaar. “Neen, hij wilde de duif niet meer terug. Ze was de weg al kwijtgeraakt als jonge duif. Wat moest hij er nu nog mee”? Het kaartje sturen? 
Naar Nederland? Hoe lang hedde gij diene klepper op Uwe kot gehad?! 
Na eindeloos heen-en-weer spraken ‘we’ af dat wij het kaartje mochten krijgen als we hem z’n onkosten zouden vergoeden. Vijf Euro leken hem daarvoor wel een redelijk bedrag! 
Voor een duif die je niet meer terug wil? Waar je geen waarde meer aan hecht?

Maar het leek me vooral niet pedagogisch verantwoord om er verder nog iets aan toe te voegen dus stopte ik, samen met m’n dochter, € 5,= in een enveloppe, met daarin nog een keer, (op een retourenveloppe) ons adres. Een paar weken later bekroop mij het gevoel dat de man ons wellicht vergeten was. Dus nog maar eens even bellen. Brief? Retourenveloppe? Helaas……
Natuurlijk kan overal post kwijtraken, zelfs in België, maar ik had toch het gevoel van iemand die zijn zakken volgestopt krijgt met verse eieren om vervolgens onstuimig omhelsd te worden. 
Gedreven door het ‘geloof in het goede in elke mens’ liet ik mij nogmaals verleiden om wederom een enveloppe met 5 Euro, et cetera………

Ik wil niet suggereren dat de Belgische ‘Tante Pos’ corrupt is maar het bizarre toeval wil dat ook deze enveloppe-met-inhoud wederom kwijtraakt. Evenals mijn eerder omschreven, laatste stukje geloof in het goede in elke mens! En ik kan het niet nalaten: die avond kan ik het verhaal niet voor me houden als ik, per toeval, telefoon krijg van iemand van de Belgische nomenclatuur.

“Het wordt inmiddels wel een beetje duur, jouw eigendomsbewijs! Ik zou maar gewoon een duplicaat aanvragen, dat is goedkoper en sneller!”. 
De Belgische Bond laat mij vervolgens weten dat ik voor 5 Euro (waar ken ik dat bedrag toch van?) een duplicaat kan aanvragen mits de eigenaar geen bezwaar heeft. Ik kan dit bedrag overmaken naar de FORTIS Bank Brussel op rekeningnummer 210-0916117-04.
Na ontvangst krijgt U het duplicaat toegezonden.

Veertien dagen later. In een keurig schrijven van de KBDB mag ik vernemen dat het bedrag weliswaar is ontvangen, maar dat na aftrek van de (internationale) bankkosten door FORTIS (sterk he?) slechts 0.50 eurocent effectief op hun rekening is bijgeschreven. Of ik derhalve nogmaals 5 €uro wil doen toekomen? U begrijpt welke ongekende gevoelens van menslievendheid dit in mij losmaakt.

Met ingehouden woede en de wanhoop nabij begeef ik mij schoorvoetend in de discussie. Na enig ‘over en weer’ begrijpt zelfs het opperhoofd van de KBDB dat het geduld van een Nederlander grenzen heeft. Het kaartje wordt mij nu ‘met vriendelijk sportgroeten’ deelachtig en ik kan aan mijn verplichtingen bij een eventuele hokcontrole voldoen. Als ik vervolgens op mijn eigen giroafschrift zie dat, ook hier, naast de 5 €uro aan de KBDB, 5 €uro aan ‘Internationale behandelkosten’ zijn afgeschreven stijgt mijn bloeddruk wederom tot Himalaya hoogten.

Of zo’n uitspraak naar mijn dochter toe pedagogisch verantwoord is, weet ik niet, maar ik vraag nooit meer een duplicaateigendomsbewijs aan. Zeker niet nu ik weet dat een duplicaat eigendomsbewijs voor in België woonachtige liefhebbers 0.50 eurocent kost. En nog een ding weet ik zeker. Dit duplicaat zal ik nooit meer weggooien. Stel je voor zeg. Alles bij elkaar, telefoon en bankkosten inbegrepen heeft het me ongeveer 75 oude Hollandse guldens gekost. Dat zet je toch nooit meer bij het oud papier? 

Krabber.

Heeft u reacties op bovenstaand artikel, dan kunt u deze sturen aan: krabbels@duiven.net 
Wij zorgen ervoor dat deze reacties bij de schrijver terecht komen. 

Terug naar Krabber
Terug naar Duiven.net

Een site van ADVIDU, Utrecht