Exclusieve Krabbels van Krabber voor:

Deel 6 "Voortschrijdend inzicht ?"

In 3 delen (Deel 2
).

Deel 2

De tijd ligt dus nog niet zover achter ons dat je van de huisarts bij een behoorlijke verkoudheid al antibiotica voorgeschreven kreeg. En inmiddels komt men langzaam maar zeker tot inkeer. Ook in de veterinaire wereld. Er zijn zelfs al duivenartsen die je geen medicijnen meer meegeven als je geen zieke duif kon tonen. En ofschoon het overal zo zou moeten: de praktijk is anders! Ze zijn dun gezaaid.

Maar het kan nog erger. Bijvoorbeeld bij onze Oosterburen. Wat dat betreft ben ik altijd blij als ik kan vergelijken. Zo’n kans kreeg ik vorig jaar. Ik was te gast bij een duivenhappening in het oosten van de Bondsrepubliek. Dat is niet het verre buitenland maar toch. Wel leuk en vooral heel leerrijk. Jeetje, wat heb ik m’n ogen uitgekeken. 
En niet alleen aan de prachtige omgeving. Alhoewel dat wel het eerste was dat me opviel. Toen God de aarde schiep heeft hij deze mensen wel een beetje verwend. Er ligt nog een dun laagje sneeuw als we aankomen. De parkeerplaats ligt niet direct naast de hotelingang en mijn zomerse bordeelsluipers waren na de eerste 100 meter ‘sneeuwbaggeren’ al helemaal doorweekt. Het inchecken gaat nogal rap en we worden meteen uitgenodigd aan de ‘Gäste Tisch’ plaats te nemen. Ik zie een hele rij bekende gezichten en alhoewel dat ik me altijd wat opgelaten voel ga ik toch maar iedereen een hand geven. 

Een wijntje, een voedzaam maal en we zijn vertrokken. Voor wat naar verwachting een leerzaam, maar ook vooral amusant weekend zal worden. De ceremoniemeester heet de oud-voorzitter van de Duitse Bond welkom en noemt in een adem ‘
die speziellen Gäste’ uit Nederland.

Gelukkig hoeven we niet, één voor één op te staan. Desondanks kijkt de hele zaal naar onze tafel en ik kan het niet helpen maar voel me opnieuw enigszins opgelaten. “Zijn die zover komen rijden voor dit feestje?” 
Een groots Duits kampioen zal vanavond de spits afbijten, morgen komt een bekend dierenarts ons vermaken met zijn wijsheden. Vervolgens is er een grote openbare verkoop ten behoeve van een goed doel. Het programma kent weinig verrassende elementen maar ik ga er nog maar eens goed voor zitten.  

De kampioen houdt een overtuigend verhaal. Althans hij klinkt heel erg (zelf)overtuigd. Door zijn Swäbische tongval ontgaat mij ook het een en ander. Maar hij spreekt met de overtuiging van iemand die van de duivensport zijn beroep heeft gemaakt en de zaal hangt aan zijn lippen. 
Hier en daar stelt men een voorzichtige vraag. De kampioen voelt zich in zijn element en gaat er breed op in. 
Als je kampioen bent is het hartstikke makkelijk, denkt mijn buurman hardop. Als je kampioen bent doe je niets fout en gaat alles min of meer vanzelf. Je hebt het geluk dat je duiven zoveel forme en gezondheid hebben dat alle ziektes eraan afketsen en jou alle misère bespaard blijft.
Ik knik even naar hem. Ik kan het een heel stuk met hem eens zijn maar anderzijds ademt deze analyse me ook teveel de charme van een eenvoudig karakter.
Onderwijl probeer ik ook onze ‘Schwäbische Eisenbahn’ te blijven volgen en het valt niet mee om twee heren tegelijk te bedienen. Toch verslapt op een gegeven ogenblik mijn aandacht. Misschien omdat ik weet dat hij de echte kneepjes toch niet zal verklappen?
De wijn, de lange rit en een stevig maal eisen hun tol en ik verlang alleen nog maar naar m’n bed.

Ik waak letterlijk en figuurlijk op in een andere wereld.
‘s Nachts is er een pak sneeuw gevallen waar je ‘U’ tegen zegt en ik probeer met een fikse ochtendwandeling enigszins de kwade dampen uit mijn lijf te bannen.

Rond het middaguur staat een grote touringcar klaar om via glasblazerijen,
Konditorei met koffie en heerlijk gebak en een tussenstop bij de skispringschans de dames ‘de middag van hun leven’ te bezorgen.

Dat geeft ons mannen de ruimte om wat geld uit te geven bij de openbare verkoop. Deze organisatoren zijn ook niet van gisteren! 
Maar eerst komt de dierenarts zijn wijsheden over ons uitstrooien. 

Volgens hem (en hij leest het grootste deel van zijn verhaal van een blocnote af om niets te vergeten) doe je er goed aan om in het vroege voorjaar te starten met een kuurtje Baytril 10%.
Gevolgd door wat elektrolyten en extra aminozuren. Als volgende komt het Circovirus langs. Op de voet gevolgd door de
‘Jungtierkrankheit’.

Chlooramphenicol  moet je liefst niet over het voer strooien en Ronidazole kun je in het seizoen beter vervangen door metronidazole omdat dat de conditie minder aantast.
Tegen droog snot geef je het beste doxycycline, trimetroprim of amoxy. Suanovil is niet meer in de handel maar voor wie echt niet zonder kan heeft hij een ‘geheimtip’, je kunt het nog volop kopen in Frankrijk.
En passant krijgt een bekende Nederlandse veterinair (in wiens plaats hij nota ben mag invallen) nog een veeg uit de pan: orni-speciaal werkt niet. 
Er volgt nog een verhaal over een voedingssupplement dat hier ‘erg hot’ lijkt te zijn. Het wordt gewonnen uit koemelk en zorgt door zijn ‘dierlijke eiwitten met intrinsic factor’ voor binding van vitamine B12 die ook nodig is (volgens hem) voor de spierontwikkeling bij onze duiven. Ik val van mijn stoel af. Een of ander melkpoeder dat je over het duivenvoer moet strooien ‘op weg naar het gegarandeerde succes’?

En de zaal ligt aan zijn voeten. Niemand die vraagt of je van je duiven geen chemische fabriekjes maakt. Niemand die het verband legt met verboden antibiotica, kankerverwekkende stoffen of veroorzaakte bloedarmoede.
Neen, men schrijft snel op hoe je het kan bestellen. En hij verstuurt het door de hele bondsrepubliek. Want van iemand die met pensioen is en die vaak niet eens beschikt over een auto kun je niet verlangen dat ze enkele honderden kilometers komen rijden om op spreekuur te komen. Dan sturen wij het U graag toe! 
Omdat ik boos wordt van dit soort ‘ruimhartige uitverkoop van pertinente onzin’ stel ik de vraag of hij zelf ook duiven heeft? Natuurlijk én vult hij met niet verholen trots aan, voor de Nederlandse gast, van de bekendste hokken van Duitsland.
“Hoeveel kampioenschappen heeft U het afgelopen jaar bij elkaar gevlogen”?
In de zaal ontstaat wat geroezemoes. Sommigen kennen kennelijk al het antwoord.
De man in kwestie loopt rood aan. Ik heb geen medelijden met hem. Als je een hoofd heb van boter moet je niet te kort bij het vuur gaan staan.
“Te druk met zijn praktijk om goed te kunnen spelen”, aan m’n hoela.

Wordt vervolgd in deel 3.

Krabber.

Nota bene:

Krabber verleent het recht tot plaatsing op de internetsite van Advidu. Het eigendomsrecht kan op geen enkele wijze vervreemd worden en blijft bij Krabber

Terug naar Krabber
Terug naar Duiven.net

Een site van ADVIDU, Utrecht